Schoonmaakspullen in het Engels met plaatjes
Op deze pagina leer je de Engelse benamingen voor alledaagse schoonmaakartikelen en gereedschappen in huis. Benoem de spullen tijdens je volgende schoonmaakbeurt hardop in het Engels om ze snel te onthouden.

mop
/mɑːp/
mop, dweil
Wordt gebruikt met water en zeep om natte vloeren schoon te maken.
“Use the wet mop to wash the kitchen tiles.”

broom
/bruːm/
bezem
Ideaal om droog vuil en stof van de vloer bijeen te vegen.
“He used a broom to sweep dirt off the porch.”

dustpan
/ˈdʌstpæn/
stoffer en blik, blik
Hier veeg je het opgeveegde stof in met een handveger.
“Hold the dustpan steady while I sweep the crumbs inside.”

sponge
/spʌndʒ/
spons
Absorbeert veel water en schuim voor het afwassen of soppen.
“Wipe the counter clean with a wet sponge.”

/ˈvækjuːm/
stofzuiger
Hiermee zuig je stof en vuil van vloeren en tapijten op.
“Use the vacuum to clean the dust off the living room rug.”

bucket
/ˈbʌkɪt/
emmer
Een ronde bak met een hengsel voor sopwater of andere vloeistoffen.
“Fill the bucket with warm soapy water.”

/ræɡ/
poetslap, oude lap
Een versleten stuk textiel dat dient om viezigheid mee weg te vegen.
“Take an old rag and polish the wooden table.”

/bliːtʃ/
bleekmiddel, bleek
Een chemisch middel om te desinfecteren en vlekken wit te maken.
“Add a little bleach to sanitize the bathroom sink.”

/klɔːθ/
doekje, poetsdoek
Ideaal om oppervlakken nat af te nemen of stof weg te vegen.
“Dry the clean dishes with a soft cloth.”

/brʌʃ/
borstel
Heeft harde haren om hardnekkig vuil grondig mee weg te schrobben.
“Scrub the dirty shower tiles with a stiff brush.”





